Kunstschilder Antoon Schoonjans

Antoon SCHOONJANS was een vermaard barokschilder (Antwerpse School). Hij schilderde historiestukken, mythologische taferelen, religieuse onderwerpen en portretten. Hij was hofschilder aan het Keizerlijk hof in Wenen en het Koninklijk hof in Berlijn. Enkele musea zijn in het bezit van een aantal van zijn tekeningen en etsen naar zijn werk.

De geboortedatum van Antoon Schoonjans (ook vermeld als Anton, Antoni, Anthony, Anthoni, Antonis of Anthoon Schoonjans, enz...) is niet juist gekend. Verschillende bronnen geven als geboortedata 1650, 1653 en 1655. Zelfs van zijn geboorteplaats is men niet zeker. Wij hebben een sterk vermoeden dat zijn vader afkomstig was uit Ninove. Zeker is dat hij in 1668 in Antwerpen leerling was van Erasmus Quillinus II. Deze laatste is één van de bekenste leerlingen van Rubens.

Men weet ook dat hij op 6 januari 1675 in Rome verbleef, waar hij zijn bentnaam, Parrhasius gebruikte en kennis maakte met de Italiaanse barok.

Anthoon Schoonjans

Antoon Schoonjans: zelfportret

In 1693 vinden wij hem terug in Wenen. Hij schildert daar een altaardoek in de kapel van het kasteel Weikersdorf in de omgeving van Wenen. In 1695 werd hij hofschilder van Keizer Leopold I Van Oostenrijk. Een jaar eerder zou hem van het Deense hof in Kopenhagen een aanvraag om een portret toegestuurd zijn. Op 8 oktober 1697 huwt Maria Theresia SCHOONJANS, zuster van Antoon, met de Antwerpse schilder Parijs (Paris) in de Sint-Stephankerk in Wenen. In 1700 schilderde hij in de Sint-Stephandom te Wenen een altaarstuk. In 1702 was hij in Berlijn. In een brief aan de Hannoverse gezant in Den Haag schrijft koningin Sophie Charlotte van Pruisen:

“J'en rejouis Madame l'électrice (Keurvorstin Sophie van Hannover, haar moeder) qui est ici depuis quelques jours dans la meilleure santé du monde. Elle prend plaisir à voir mes commédiens dont vous connaissez la capacitéet va aussi à une petite pastorale qui à mon gré est tres jolie, car Bononcini qui est au rois de Romains l'a composée et a une femme de Vienne avec lui, mariée à un peintre, qui y chant, qui a la plus belle voix que j'ai entendue depuis longtemps.”

Bononcini was een Italiaanse componist, die samenwerkte met Maria Regina SCHOONJANS, een operazangeres en echtgenote van de schilder.
De oorzaak van hun vertrek uit Wenen is niet met zekerheid gekend. Maar in een latere brief schrijft Sophie Charlotte “...par une jalousie il a quitté Vienne, dont le roi des Romains est fort en colère”. Regina was met Bononcini naar Wenen gekomen en Anthoon wou niet dat Regina zonder hem en samen met de componist naar Berlijn zou reizen.

Tijdens zijn verblijf in Berlijn had hij Koningin Sophie Charlotte beloofd de zoldering, kamers en galerijen van het kasteel Lützenburg, de toenmalige naam van Charlotteburg, te schilderen. In mei 1703 is hij in Den Haag. Hier verblijft hij bij een goudsmid genaamd Spyk. In ruil voor kost en inwoon van hemzelf, zijn vrouw en zijn knecht zou hij de gastheer het ambacht van kunstschilder aanleren; hier komt niets van terecht. De auteur Gool beschrijft deze periode van Schoonjans en noteert met duidelijk verachting “het onsympathieke karakter van de schilder”.
Ook Sophie Charlotte vraagt via diverse tussenpersonen om deze “bizarre” man aan te manen om naar Berlijn terug te keren. Sophie Charlotte overlijdt op 1 februari 1705 en Anthoon vond dat zijn belofte hierdoor vervallen was.

Kasteel van Borgerstein

Portret van Keizer Joseph I

In 1704 reisde hij ook nog naar Engeland waar hij in “The little Montague house” het trappenhuis schilderde en er ook een portret maakte van een zekere dokter Peeters.

Na Den Haag, en misschien zelfs nog na een verblijf in Berlijn, vinden wij zijn spoor terug aan het hof van Johann Wilhelm, keurvorst von der Paltz. Hij schilderde er het portret van de vorst en zijn echtgenote. In deze periode maakte hij veel tekeningen, waarvan vele zich nog in het Stedelijk museum van Düsseldorf bevinden. Na de dood van de vorst in 1716 gaat Antoon Schoonjans terug naar Wenen. Hij sterft er in 1726.

Helmut Borsch Supan, vermaard kunsthistoricus, vermeldt als mooiste werk van Antoon Schoonjans “David met den slinger”. Dit werk verbeeldt kroonprins Frederik Willem, de latere soldaatkoning als David. Hij roemt het werk als het merkwaardigste barokschilderij in kasteel Charlotteburg in Berlijn. Een andere kunstliefhebber, Mathias Oesterich bewonderde zijn “noblesse” en “grandeur dans l'attitude”.

Kasteel van Borgerstein

De steniging van Sint-Stephanus: Pfarrkirche in Ottnang am Hausruck

Tijdens de tweede wereldoorlog werd Berlijn hevig gebombardeerd. Vele kunstwerken werden vernietigd, beschadigd of waren spoorloos. Bij de restauratie van het kasteel Charlotteburg heeft men met behulp van oude inventarissen veel kunnen terugvinden. Er hangen minstens 15 werken van Antoon Schoonjans in het kasteel en dit is meteen de grootste collectie van zijn werk.

Vóór 1850 dacht men dat het portret van Aartsbisschop Neofilo Vidola, Metropoliet van Philipopeli (Aartsbisschop Bulgaars Orthodoxe kerk) van de hand was van Anthoni Van Dijck, maar het is wel degelijk van Antoon Schoonjans. Sommige van zijn werken werden vroeger meer dan eens aan andere kunstenaars toegeschreven.

Wij weten ook dat Antoon Schoonjans de Zwitsere barokschilder Georg GSELL als leerling had en de stijl van Gsell mee beïnvloed heeft. In Slovenië werkte hij in “the Križanke Church” samen met Johann Michael Rottmayr.

De werken van Antoon Schoonjans zijn over heel Europa verspreid, voornamelijk in Oost- en Midden-Europa. De meeste van zijn werken bevinden zich momenteel in Oostenrijk: Wenen, Duitsland: Berlijn en Düsseldorf (in deze laatste vooral tekeningen).
Dat wij in de Nederlandstalige literatuur weinig over Antoon Schoonjans terugvinden, is waarschijnlijk het gevolg van een visie op onze kunstgeschiedenis waarin onze betrekkingen met Oost- en Midden-Europa enigzins verwaarloosd werden. Bovendien is er in de Nederlanden geen enkel museum in het bezit van een belangrijk olieverfwerk van zijn hand.

Antoon SCHOONJANS overleed in Wenen op 6 mei 1726.